Community arts is een groeiende, wereldwijde beweging van kunstenaars en organisaties die werken met diverse gemeenschappen in verschillende contexten, gedreven door verschillende (politieke of sociale) redenen en vanuit verschillende (culturele) tradities. Wederkerige en gelijkwaardige relaties tussen alle betrokkenen staan hierbij centraal. Dit gezegd hebbende, community arts bestaat uit twee zeer omstreden woorden: ‘gemeenschap’ en ‘kunst’. Om het potentieel van community arts te begrijpen, moeten we daarom eerst kijken naar onze opvattingen over ‘kunst’, ‘gemeenschap’ en de rol van de kunstenaar hierin.
Community arts onderscheidt zich van autonome kunst door de wederzijdse en intensieve relatie tussen de kunstenaar en de gemeenschap waarmee en waarbinnen de kunstenaar werkt. Een (vaak) professioneel opgeleide kunstenaar werkt samen met mensen die normaal gesproken geen kunst beoefenen. Dit werk vertrekt vaak vanuit de noden en persoonlijke verhalen van de gemeenschap, die via co-creatie samen met de kunstenaar tot een artistieke vorm komen. De betrokken deelnemers komen vaak uit gemarginaliseerde gemeenschappen en/of bestaan uit mensen met tegengestelde ideologieën of meningen.
Beoefenaars van community arts, of gemeenschapskunstenaars, geloven dat dit werk het potentieel heeft om gemeenschappen te deconstrueren en te reconstrueren. Dit daagt onze vastgeroeste identiteiten en percepties van verschillen uit en omarmt het idee dat iedereen een complex, gelaagd mens is dat voortdurend in beweging is en dat we ons met elkaar kunnen verbinden ondanks onze verschillen. Gemeenschap wordt daarom gezien als iets dat voortdurend wordt opgebouwd – een proces waarin gemeenschapskunst een belangrijke rol kan spelen. Al moeten we ons altijd kritisch afvragen wie wel of niet deel uitmaakt van ‘de gemeenschap’, en waarom.
Gezien de diversiteit van kunstpraktijken en -tradities is het noodzakelijk om – wanneer we het over kunst in de gemeenschap hebben of het willen analyseren – het perspectief van waaruit we beginnen te verduidelijken door de context te identificeren en te delen. Community arts gaat over bruggen bouwen. Over de zoektocht naar het menselijke in onszelf en in elkaar. Over elkaar ontmoeten op ooghoogte.
Community arts en de inclusieve en participatieve kunstpraktijk zijn echter complexe praktijken met veel kritische vragen. Bijvoorbeeld rond participatie als politiek instrument, rolverdeling, verantwoordelijkheden, artistieke ontwikkeling, autonomie en representatie. Een centrale vraag die binnen dit discours voor een tweedeling in perspectieven zorgt, is de vraag naar de rol van de kunstenaar binnen deze relatie tussen kunst en maatschappij. Is de kunstenaar het individuele ‘genie’ en producent van kunst en is de maatschappij slechts een consument ervan? Of is de kunstenaar de facilitator van een esthetisch proces, die een context creëert waarin anderen kunnen onderzoeken, creëren, verbeelden en ontdekken? In community arts is de rol van de kunstenaar het laatste en ligt zijn of haar genialiteit niet in het produceren van een kunstobject, maar in het creëren van een esthetische ruimte, het stellen van een esthetische vraag, het opbouwen van vertrouwen en relaties met en tussen gemeenschappen.
We merken dat er in Nederland (maar ook daarbuiten) een grote behoefte is aan een continu gesprek tussen makers, kunstdocenten, beleidsmakers en fondsen als het gaat om kunst en grote maatschappelijke vraagstukken of het werken met mensen in kwetsbare situaties. Dit gezegd hebbende, via het internationale en academische netwerk van het ICAF hebben we het voorrecht om toegang te krijgen tot actuele en relevante academische kennis over participatie, kunst, inclusie en community arts die direct kan worden teruggekoppeld naar deze gesprekken om meer bewustzijn en aandacht te brengen voor het unieke, impactvolle werk dat binnen en over dit specifieke veld gebeurt.
Jasmina Ibrahimovic, artistiek directeur ICAF